Marc Terreur schrijft poëzie, kinderverhalen, en proza voor volwassenen. Behalve op binnen- en buitenlandse podia werd zijn werk gesignaleerd in verzamelbundels, scheurkalenders, online en fysieke literaire tijdschriften (Het Gezeefde Gedicht, Elders Literair, Meander, Roer, De Schaal van Digther), op straat.
Meander beschreef hem zo: “Een dichter met een eigen stem (…) verrassende beelden (…) en een boeiende inhoud. (…) Daar is poëzie voor bedoeld.”
Marc Terreur is lid van de Klimaatdichters en staat najaar 2025 met twee klimaatgedichten in een internationale ‘digbundel’ (Protea Boekhuis, Pretoria).
Enkele gedichten:
steunmuren
we droomden voor elk een huis
waar muren niet tussen buren
maar om samen tegenaan te leunen
ruiten vol gedichten, van vriendschap, van hoop
de deuren hadden hartjes en niet een daarvan op slot
daken ter beschutting, tegen hagel en slecht nieuws
we droomden ieders dromen
en tuinen vol klavertjesvier
NESTEN
We huizen in nesten
Priktwijgen van ongemak
gesneuveld groen
en mos
dat nooit zon zag
Stuntelig bijeen geplakt
met natte, kille specie
Elk zijn stekelige baken
zijn vlaggenmast
zijn reddingsboei
en altijd de lokroep
kom naar huis
marathonzwemmer
zoals honger achter neuzen holt
zo onstuimig wil ik jou snuiven
zoals planken de last kunnen buigen:
onomstotelijk van jou zijn
als verovering om een slotgracht vraagt
dan dadelijk het harnas af
dag na dag in al mijn naaktheid
onstuitbaar naar je toe


